peda schreef: 09 dec 2024, 13:58
Peda (in mijn eigen woorden 'vertaald') schreef:
Als groot volger van de negatieve theologie, (over de transcendentie is niets te weten), poogt Barth het kennen van de NIET te kennen transcendentie van de Vader/Godheid, middels de ultieme centralisering van Jezus Christus/Christus Jezus, immanent handen en voeten te geven.
Zo maar een eerste aanzet, ik ben benieuwd naar het antwoord van Reiziger op deze interessante vraagstelling over m.i. Vader ( Transcendent ) en Zoon, Jezus Christus ( Immanent ).
Eerst nog wat opmerkingen over de theologie van Karl Barth
Uniek voor Karl Barth was dat hij het begrip: "Der ganz Andere" in de theologische wereld introduceerde. Zie o.a. dit artikel. Binnen de theologische wereld kan men over God enkel maar spreken over wie of wat Hij NIET is. Dat geldt ook voor alle begrippen die direct uit het bestaan van God worden herleid en die we met Hem in verband willen brengen in ons denken en spreken, dus in onze communicatie.
De mens kan enkel maar in beelden communiceren. In onze spreken gebruiken we altijd beelden. Beelden die worden opgeroepen in het denken van degene met wie we spreken. Zonder beelden valt er niet te communiceren. Als we doos over God, die we echter in geen enkel beeld in ons spreken kunnen uitdrukken, heeft de mens echt een probleem. Er rest ons dus niets anders dan God uit te drukken in wat of wie (zelfs dat weten we niet!) we wel kunnen uitdrukken en dat is wie of wat Hij niet is. En dat doet Karl Barth door God uit te drukken in wie of wat Hij wél is: de volkomen of volmaakt Andere.
Nu kunnen we over God of Zijn eigenschappen (positief) spreken, door ze ‘volkomen’ of ‘volmaakt’ anders te (be)noemen.
Als we spreken over het beeld dat we van God maken, weten we per definitie dat we het niet hebben over God zelf, maar over het beeld dat iedere mens voor zichzelf heeft gemaakt. Dus kunnen we, volgens Karl Barth, beter spreken over de ‘volmaakt’ of ‘volkomen’ Andere. En dat geldt ook voor elke kwaliteit die we (God) = De volkomen Andere, toedichten. We willen iets overbrengen over de Liefde van (God), maar de spreken over: de volkomen Liefde. Analoog hieraan: De rechtvaardigheid van (God) wordt dan: de volkomen Rechtvaardigheid. De wil van (God) wordt dan: de volkomen Wil. Enzovoort, enzovoort. Maar ook kunnen we nu spreken over de werkelijkheid, de tijd, de plaats, de verschijning van (God); we spreken dan over de volmaakte/werkelijkheid, de volkomen tijd, de volmaakte plaats, of de volkomen verschijning van de Andere.
Op deze manier wordt ons spreken over God onderdeel van de positief uitgedrukte, maar negatieve theologie.
Ik ben van mening dat we nu positief over de trancedente = onkenbare (God) kunnen spreken, zonder ons een beeld te vormen. Immers elk beeld schiet te kort om een God te omschrijven die volkomen of volmaakt is.
Van transcendent naar immanent
De „volkomen Andere“ is en blijft transcendent. Wat we in elk geval wel kunnen zeggen is dat God een geest is. We kunnen de Geest van God dan het beste omschrijven als: de geest van de „volkomen Andere“. Of, samengesteld, als: „Dé Geest“ oftewel de Heilige (heilig = afgezonderd) Geest.
Maar hoe zit het dan met Jezus (de) Christus? Jezus was, uitgezonderd zijn verwekking, een gewoon mens!
Het verschil tussen Jezus en de andere mensen is dat Hij niet zondigde.
Jezus voldeed aan de scheppingsopdracht (
Genesis 2:16-17 (NBG1951): "
En de HERE God legde de mens het gebod op: Van alle bomen in de hof moogt gij vrij eten, maar van de boom der kennis van goed en kwaad, daarvan zult gij niet eten, want ten dage, dat gij daarvan eet, zult gij voorzeker sterven.") en was vanaf Zijn geboorte gehoorzaam aan God; Hij at NIET van de vrucht van de boom van kennis van goed en kwaad. Dat maakt Jezus uniek en daarom heeft God Hem verhoogd boven alle andere mensen en Hem als hun leidsman aangewezen en Hem als Koning van God’s Koninkrijk aangesteld.
De mens Jezus is, getuige Zijn opstanding uit de dood (of ’vanuit de doden’, ‘tussen de doden uit’) opgenomen binnen de transcendentie van God. De mens Jezus is daardoor „de volkomen Andere mens“ of „Goddelijke Mens“ geworden. Nog steeds is Jezus geheel mens, maar Goddelijk (gemaakt of verklaard). Hij voldoet dus als Enige volkomen aan het beeld van God, zoals aangekondigd in Genesis 1:26. Hij is de Eerstgeborene van een geheel nieuw geslacht, de Goddelijke mensheid. Daarom wordt Hij de nieuwe of ware Adam genoemd en is die Goddelijke mensheid, de nieuwe of ware Eva.
<BREAK>
Hallo Peda,
Vanwege persoonlijke omstandigheden, moet ik op dit punt (plotseling, ik weet ’t) het schrijven van uitgebreide berichten op het forum even afbreken. Het schrijven van korte reacties lukt nog wel, maar lang achter de Mac zitten is voor mij nu even ‘out-of-bount’.